Terug naar hoofdinhoud

Wat kon er beter?

Leren stopt niet als een toets, opdracht of taak klaar is. Juist daarna kun je veel ontdekken: wat ging goed, waar ging het mis en wat kun je de volgende keer anders doen?

Een fout is geen bewijs dat je iets niet kunt. Door goed naar je fouten te kijken, ontdek je wat je nog moet oefenen, welke aanpak wel werkte en welke aanpak minder handig was.

Wat heb je eraan?

  • Je ontdekt waarom iets misging.
  • Je leert gerichter oefenen.
  • Je voorkomt dat je dezelfde fout steeds opnieuw maakt.
  • Je krijgt meer grip op je eigen manier van leren.
  • Je leert dat fouten maken bij leren hoort.

Voorbeelden

Voorbeeld 1 - Fouten maken moet!

Voorbeeld 2 - Leren van je fouten

Wat zegt de wetenschap?

Reflecteren helpt leerlingen om niet alleen naar het resultaat te kijken, maar ook naar het proces: hoe heb ik geleerd, welke keuzes heb ik gemaakt en wat kan ik de volgende keer anders doen? De wetenschapper John Dewey kun je wel de grondlegger noemen van ‘reflectief leren’. Zijn centrale idee is dat we niet automatisch leren van ervaringen, maar wel van het nadenken over die ervaringen. Dat helpt om toekomstige keuzes te verbeteren.

Door bijvoorbeeld een foutenanalyse te maken leer je preciezer na te denken. In plaats van ‘ik snapte het niet’ ga je je afvragen of je misschien de stof niet goed genoeg kende, de vraag verkeerd las of te of te onzorgvuldig werkte.

Zo wordt terugkijken een stap in het leerproces: proberen, controleren, begrijpen wat beter kan en opnieuw oefenen (Dewey, J., 1938).